Pletmedicatie
Specialiteit:
Actief Bestanddeel:





Wachtwoord vergeten?

Problematiek

Nieuwe zoekactie

Verschillende aspecten moeten in acht genomen worden vooraleer over te gaan tot het verpulveren van tabletten of het openen van capsules. Volgende rubriek tracht bondig deze problematiek te schetsen en enkele aandachtspunten aan te reiken.

 

  • 1. Geneesmiddelenvorm

       

    • 1.1. Preparaten met gereguleerde afgifte

         

      • Mogelijke afkortingen·

           

        • Chrono·
        • CR = controlled release
        • Diff = diffucaps
        • Dur = Durettes
        • FAS = Facilitated absorption system
        • HBS = Hydrodynamic balance system
        • LA = Long acting
        • OROS = Oral resorption osmotic system
        • Perlongettes
        • PL = pro longatum
        • Retard· SA = Slow action
        • UNI· UNO : gewijzigde vrijgifte, slechts 1 inname per dag
        • ZOK = zero order kinetic
        • XR =  extended release

         

Deze preparaten (vb. Selozok®) bevatten normaal het equivalent van 2 à 3 dosissen. Door de gereguleerde afgifte kan de doseringsfrekwentie aanzienlijk verminderd worden. Wanneer men preparaten met een vertraagde vrijstelling gaat verpulveren zal het mechanisme dat verantwoordelijk is voor de vertraagde werking vernietigd worden. Door het vrijkomen van de volledige hoeveelheid actief bestanddeel (dose dumping) wordt het risico op ongewenste effecten groter, zeker bij preparaten met een nauwe therapeutisch-toxische marge. Bovendien kan de werkingsduur afnemen. Dosis en/of doseerfrequentie dienen aangepast te worden indien het preparaat met vertraagde vrijstelling vervangen wordt door een alternatief zonder gereguleerde afgifte.

  •  
    • 1.2. Enterisch omhulde preparaten

         

      • Mogelijke afkortingen

           

        • E.C = Enteric coated

         

De maagsapresistente omhulling dient om het direct etsend effect op de maagmucosa (vb. Voltaren®) of om degradatie van het geneesmiddel door maagzuur (vb. Creon®) en/of pancreasenzymen te vermijden. Wanneer deze omhulling wordt verbroken leidt dit in het eerste geval tot een verhoogde kans op gastro-intestinale bijwerkingen, en in het tweede geval tot onderdosering.

  •  
    • 1.3. Sublinguale tabletten Mogelijke afkortingen

         

      • SL = sublinguaal

       

Deze tabletten (vb. Cedocard ® 5 mg) worden ontwikkeld om de gastro-intestinale tractus en aldus de first-pass afbraak in de lever te vermijden. Wanneer deze geneesmiddelen worden ingeslikt zal dit eveneens leiden tot een onderdosering. Let op ! Niet te verwarren met "Instant", "Instasolv", "Expidet", "Odis" tabletten die wel degelijk via de gastro-intestinale tractus worden opgenomen en vaak zonder probleem – na dispergeren in water - door de sonde kunnen worden toegediend.

  •  
    • 1.4. Vloeibare orale toedieningsvormen

     

De hoge osmolaliteit (> 1000 mOsm/kg) van vloeibare geneesmiddelen (die aanleiding kan geven tot diarree, abdominale krampen en vertraagde maaglediging) is enkel significant belangrijk wanneer grote volumina worden gebruikt. In deze gevallen kan verdunning een oplossing bieden om de osmolaliteit van GI secreties te evenaren (100 – 400 mOsm/kg). Let op ! De dosering met druppel toedieningsvorm is afhankelijk van de specialiteit. Geen gebruik maken van de standaardregel 20 druppels = 1 ml Vb. Contramal® 40 druppels = 1 ml

  •  
    • 1.5. Parenteralia

     

Deze preparaten kunnen soms via de sonde gegeven worden wanneer het actief bestanddeel niet wordt afgebroken door maagzuur of belangrijk first-pass effect ondergaat. Bovendien moeten alle hulpstoffen geschikt zijn voor orale toediening. Dit is vaak een dure optie en moet indien mogelijk vermeden worden. Let op ! Dosis oraal verschilt dikwijls van parenterale dosis en moet altijd op voorhand nagekeken worden.

     

  • 2. Het actief bestanddeel

       

    • 2.1. Toxiciteit bij risicovolle stoffen

     

Wegens de carcinogene en teratogene eigenschappen van cytostatica en andere risicoproducten moeten alle handelingen om deze medicatie te pletten/te openen gebeuren in een biohazardkast aanwezig in de apotheek, dit ter bescherming van de operator (bron : limitatieve lijst uitgevaardigd door het ‘National Institute for Occupational Safety and Health (NIOSH), Center for Disease Control). Naar de afdeling toe wordt dit poeder afgeleverd in gelatinecapsules. Deze capsules mogen nooit geopend worden. Om toe te dienen aan patiënten met een maagsonde of slikproblemen wordt deze gelule opgelost in een Oral Liquid Dispensor spuit (O.L.D.). Deze spuiten hebben een aanzetstuk dat niet compatibel is met klassieke Luer aansluitingen en vermijdt aldus het per ongeluk IV toedienen. Wat betreft antibiotica, antimycotica, antivirale geneesmiddelen, immunosuppressiva immunomodulatoren en hormonale geneesmiddelen : voor zover deze niet voorkomen op de NIOSH lijst bevelen de leden van de werkgroep eenvoudige veiligheidsmaatregelen aan zoals het dragen van handschoenen en mondmasker.

  •  
    • 2.2 Resistentie/sensibilisatie

     

Bij het pletten van anti-bacteriële en antifungale geneesmiddelen worden speciale voorzorgsmaatregelen (handschoenen en een masker) aanbevolen ter bescherming van de operator.

  •  
    • 2.3. Lichtgevoeligheid van het actief bestanddeel

     

Wanneer men lichtgevoelige preparaten met een opake omhullingslaag gaat verpulveren kan degradatie van het actief bestanddeel optreden. In de databank wordt aangegeven of het actief bestanddeel lichtgevoelig is. Het afvullen in een opake capsule of het herverpakken in een lichtondoorlaatbare folie kan soelaas bieden.

     

  • 3. Interactie geneesmiddel met sondevoeding

 

Voeding kan op verschillende manieren de opname en de daarmee gepaard gaande biologische beschikbaarheid van geneesmiddelen beïnvloeden (tragere opnamesnelheid, minder opname door chemische binding, verhoogde opname van vetoplosbare geneesmiddelen, …). Dit is niet anders bij een patiënt met een sondevoeding.Sommige geneesmiddelen vb. alendronaat (Fosamax®) moeten voor maximale opname nuchter worden ingenomen. Inname ervan vereist aldus een rustpauze in de toediening van sondevoeding. Wanneer patiënten continu (23-24 u/dag) of cyclisch (12-16 u/dag) gevoed worden kan voor problemen zorgen. Medicatie mag niet aan het recipiënt met sondevoeding worden toegevoegd omdat het uiteindelijke effect niet voorspelbaar is.

     

  • 4. Specifieke problemen bij het toedienen van geneesmiddelen door de sonde

       

    • 4.1. Adsorptie van het geneesmiddel aan de sonde

     

Sommige geneesmiddelen vb. diazepam (Valium®) vertonen adsorptie aan het materiaal van de sonde. Vooral PVC-sondes kunnen vetoplosbare stoffen adsorberen. Dit geeft aanleiding tot onderdosering.

  •  
    • 4.2. Verstopping van de sonde

     

Elixirs, oplossingen en suspensies zijn te verkiezen boven siropen, welke de sonde gemakkelijker verstoppen. Verstopping van de sonde kan ook als de deeltjesgrootte van het vermalen poeder of granules een bepaalde diameter overschrijden of als de vloeibare vorm te viskeus is.

     

  • 5. Microbiologie en hygiëne

 

Oplossingen voor ex tempore orale toediening moeten hygiënisch, doch niet steriel worden bereid. Men dient de geldende hygiënische maatregelen toe te passen (propere handen en proper materiaal). Zo kan worden voorkomen dat ziekteverwekkende kiemen samen met het geneesmiddel in de sonde worden toegediend.

     

  • ALGEMENE OPMERKINGEN

       

    • Om redenen van stabiliteit dient iedere bereide suspensie/oplossing ex tempore te worden gebruikt en zeker wanneer het actief bestanddeel lichtgevoelig is.
    • In principe kunnen maagsapresistente preparaten (geen vertraagde vrijstelling) wel geplet worden als het gaat om een duodenale of jejunumsonde; de vermeldingen in de bijgevoegde lijst hebben dus enkel betrekking op de toediening via maagsonde.
    • Posologie moet zo nodig worden aangepast door een mogelijk gewijzigde farmacokinetiek van de verpulverde tablet/geopende capsule. Indien keuze voor een alternatief moet ook aandacht besteed worden aan een mogelijks gewijzigde posologie.
    • vb.:
      • Alternatief voor Tegretol caps. : Tegretol susp. Dosering aan te passen op geleide van plasmaspiegel
      • Alternatief voor Coruno 1 x 16 mg per dag : Corvaton 6 à 12 mg per dag in 3 giften